Het was op een donderdagnacht, een aantal jaar geleden. Samen met een vriendin had ik Enschede op zijn kop gezet, zoals we dat destijds noemden. We slenterden zingend over straat, totdat mijn blik werd getrokken naar een hoopje dekens.

Ik hield mijn pas in. In mijn lallende bui had ik de ballen om erop af te stappen. In kleermaker-zit liet ik mezelf naast het hoopje dekens zakken. Het enige dat ik zag was een bos ruig, golvend haar. Genoeg om te zien dat het een jongen was die in diepe slaap was of deed alsof.

Zonder na te denken tetterde ik in zijn oor: ‘HEEE!! Wat doe jij hier?’

Hij opende zijn vriendelijke ogen en kwam langzaam overeind. Er volgde een diepe zucht: ‘Ik leef op straat’. Het was alsof iemand een emmer koud water over mij heen gooide. Ik was op slag nuchter. Hij leek zo, zo jong. Bovendien rook hij niet zoals ik verwachtte dat daklozen ruiken. Hij voldeed in niets aan mijn clichébeeld van zwervers.

‘Maar, maar.. hoe oud ben je dan?’
’22’. De spieren in mijn gezicht verstarden en mijn ogen werden groot. Ik ben slechts een paar jaar jonger, schoot er door me heen.
Ik herpakte me snel: ’Waarom woon je op straat?’
‘Lang verhaal.’
‘Ik heb de tijd.’
‘Je krijgt de verkorte versie. Mijn moeder is lichamelijk gehandicapt, mijn vader alcoholist en ik heb een zusje met een geestelijke handicap waar ik jaren voor heb gezorgd.’ Hij is stil. ‘En nu, nu kan ik het niet meer.’

Wat wilde ik deze jongen graag helpen, echt helpen. Wist ik maar hoe. Het enige dat ik hem toen kon bieden, was een luisterend oor.

Van miljonair tot krantenjongen

Na deze ontmoeting is mijn interesse in mensen die op straat leven alleen maar groter geworden. Iedereen heeft een verhaal en mensen die op straat leven des te meer. Wat heeft ze doen besluiten om huis en haard achter te laten of hadden ze geen keus?

Sander de Kramer beantwoordt mijn vragen in het boek ‘Van miljonair tot krantenjongen’. Hij brengt vijf personen in beeld die succesvol waren en door noodlottige gebeurtenissen op straat zijn beland. Voorafgaand aan zijn boek bracht hij een tijdje door op de straat, om te ervaren hoe het is. Elk verhaal is uniek en grijpt mij naar mijn hart. Zo praat acteur Peter Faber openhartig over zijn jaren op de straat, een Marokkaanse man vertelt hoe hij keer op keer in de steek wordt gelaten en nu een uitzichtloos bestaan leidt en een ontspoorde NS-hoofdconducteur doet zijn levensverhaal uit de doeken.

Het betreft geen hoogdravende literatuur, maar het zijn wel schrijnende verhalen die verteld moeten worden.

Met heel mijn hart hoop ik dat kreten als ‘in Nederland hoef je geen zwerver te zijn’, voor altijd verbannen worden. Ook wil ik mensen die neerkijken of oordelen over daklozen aanraden dit boek te lezen. Het verandert zeer waarschijnlijk je kijk op daklozen, want jij of ik had het ook kunnen zijn!

 

Over de auteur

Wij zijn Lilyrose, een online magazine dat zich bezighoudt met entertainment, lifestyle, liefde en alle dingen die daar tussenin hangen.

Laat een antwoord achter

Je e-mail adres wordt niet gepubliceerd.