Met stralende ogen kijkt ze me aan. Haar lippen glimmen een beetje, en haar wimpers plakken aan elkaar van de mascara. Een moment ben ik afgeleid. Het groepje meisjes lijkt de aandacht op mij te vestigen. Naast haar staat een vriendin van mij, waarmee ik altijd heel close was. Zij is HAVO gaan doen, en ik bleef in VWO. We zagen elkaar minder, en zij kreeg andere vriendinnen. Ze hoorde nu ergens bij, en ik vooral niet. Haar vriendinnen zien er anders uit, maar ze zijn allemaal hetzelfde. Netjes, mooi, tot in de puntjes verzorgd. Ik merk ineens dat het meisje oprecht nieuwsgierig is naar mijn antwoord op haar vraag.

“Waarom ga je met… hen… om?”

Even draai ik me naar “hen” om, misschien om daar het antwoord te zoeken. Ik zie dat twee van mijn vrienden een gevecht houden met onzichtbare lightsabers. De ene, die  een meter te lang is voor zijn eigen lichaam, struikelt en komt bovenop een groepje bruggers terecht. Zijn lange benen slingeren achter hem aan. De rest barst in ongegeneerd lachen uit. Ik hoop dat hij geen bruggers heeft gebroken. Ik probeer een lach te onderdrukken, maar het meisje heeft het al gezien.

Ik ben altijd aangetrokken geweest tot mafkezen. Natuurlijk zaten er ook hele knappe, populaire jongens bij mij op de middelbare. Er was er ééntje met zo’n scheef lachje, en blonde krullen, waar hij na iedere twee zinnen die hij zei even met zijn vingers doorheen ging. Misschien moest hij wat extra bloed naar zijn hersenen masseren zodat hij kontumblr_m677vh1U5E1r0r3rqo1_500 praten, ik weet het niet. Afijn: meisjes aanbaden hem, vriendschappen gingen kapot om hem. Maar ik zag niets in die jongen. Hij was een Ken pop uit een fabriek waar er nog duizend anderen vandaan komen. Niks bijzonders aan. Niet dat mijn mening uitmaakt, ik denk niet dat hij wist dat ik bestond. Maar de meisjes waar ik toen mee omging begrepen mijn onverschilligheid niet.

Het is eigenlijk heel simpel

Het probleem met knappe mannen is vaak dat iedereen ze mag omdat ze er goed uit zien. Dit geldt trouwens ook voor vrouwen. Omdat iedereen al zo met ze wegloopt, hoeven ze niet veel te spijkeren aan dingen als karakter, inhoud en humor. Laat staan dat ze kunnen lachen om zichzelf. Ik lach altijd heel hard om mezelf. Er valt ook een hoop te lachen om mij. Maar als een jongen al niet om zichzelf kan lachen, vindt hij mij waarschijnlijk alleen maar raar.

Ik ben ook raar. Maar ik ben graag raar, en dat is het verschil. De jongen met de blonde krullen wil niet “anders” zijn. Hij wil wel opvallen, maar dan alleen omdat iedereen hem zo mooi vindt, dat ze nooit zullen geloven dat hij stiekem een klootzak is.

Ik val op een soort uniekheid en een ongegeneerd jezelf durven zijn

Ik kijk nog even naar mijn vrienden. De jongen met het gave haar, die vijf maatsoorten tegelijk kan volgen. Het meisje met het bloemetjesjurkje en een gigantische ambitie. De verlegen jongen met de krullen die stiekem een superheld wil zijn. De jongen met het sikje, die met zijn 16 jaar dagelijks dieper nadenkt dan de meisjes om mij heen in hun hele leven zullen doen.

De meisjes kijken me nog steeds aan. Het is alsof dit een sollicitatie is, en als het goed gaat, dat ik dan bij hun groepje mag. Alles wat ik moet doen is nu een nare opmerking maken naar de “losers”. Die horen me tenslotte toch niet.

Ik zou haar graag laten zien wat ik zie

Maar mensen kijken nu eenmaal anders naar mensen. Daar kan zij verder ook niks aan doen. Ik kan haar niet uitleggen wat ik zie. Dat is een beetje zo van “daar had je bij moeten zijn”. Dat moet je zien, kúnnen zien, om het te geloven.

Ik haal mijn schouders op. ‘Zij zijn gewoon net zo raar als ik.’

 

Over de auteur

Koopt alleen blauwe dingen.