We slingerden altijd rond in de pauze, samen. Waar de meeste kinderen vader en moedertje speelden of voetbalden, vroegen wij ons af hoe de wereld was ontstaan. En waar hij heenging. En of God bestond. Wij wisten het allemaal wel. Hij vooral, want hij was heel slim. Dat is trouwens best een nadeel als je in groep 5 zit, want dan ben je een nerd.
We waren op een leeftijd waarop je nog kunt geloven in een vriendschap tussen een jongen en een meisje. Een vriendschap, verder niets. Dat was het voor ons allebei. Wij wisten een hoop, maar we begrepen niets van verkering.

De meisjes in mijn klas gingen allemaal naar paardrijles. Ik vond paarden stom. Er waren dan ook maar twee meisjes waar ik het goed mee kon vinden, één daarvan was Lindsay en dat is nog steeds dik aan. Maar de meeste pauzes beleefde ik met deze jongen.
Ik weet nog dat hij een gat in zijn hoofd viel op het hekje van het plein. Samen griezelden we over zijn hechting en het feit dat hij zei dat hij nog ergens een ‘draadje’ had zien hangen aan het hekje. We gingen zoeken, want ik wilde dat ook wel zien. Maar helaas had het geregend, en het draadje was nergens meer te bekennen.
pinky-swear-329329_640Mijn klasgenoten hadden besloten dat we allang dikke verkering hadden, mijn mede-filosoof en ik. Ze probeerden me ermee te plagen, maar het kon me niet zo veel schelen.

Hij maakte de letters van mijn naam met een weefgetouw. Dat mocht ik aan niemand vertellen, want jongens speelden niet met weefgetouwen en hij had het al moeilijk genoeg. Ik had toen al moeten weten dat als mannen gaan weven, de vriendschap geen vriendschap meer is. Ik geloof dat ik nog steeds ergens een ‘E’ heb.

Een paar jaar later was het definitief over. Hij vroeg hij me verkering, en de vriendschap ging uit. Die verkering heeft niet lang geduurd, omdat ik er eigenlijk nog steeds niets van begreep. En ook een beetje omdat ik smoorverliefd werd op een jongen die vervolgens naar Aruba verhuisde (tragisch verhaal).

Soms zou ik zo graag terug gaan naar die tijd. De tijd waarin je je niet druk hoeft te maken over wat je aantrekt en wat dat betekent. Dat je nog niet hoeft te letten op een string die uitsteekt of een decolleté dat te laag hangt. Dat je gewoon vrienden kunt zijn zonder je af te vragen of de ander misschien andere plannen heeft. Zonder de seksuele spanning die kan ontstaan bij één simpele aanraking, of een blik die te lang blijft hangen. Gewoon vriendschap, steun, gezelligheid en humor. Dat je zelfs samen in slaap zou kunnen vallen aan het eind van de dag, als broer en zus.

Soms mis ik hem. Of eigenlijk mis ik vooral de onschuldige vriendschap die je als kind kunt hebben. Maar hem ook wel een beetje, op een vriendschappelijke manier. Ik ben er namelijk nog steeds niet uit of God nou bestaat.

Over de auteur

Koopt alleen blauwe dingen.

Laat een antwoord achter

Je e-mail adres wordt niet gepubliceerd.