En daar zaten we dan te mokken in de Burger King. We hadden drie kwartier aan tijd om te slachten, en de man besloot dat het tijd was voor een kipburger of twee. Met een chagrijnig gezicht zat hij schuin tegenover me. Zijn voeten had hij asociaal op de stoel naast hem gelegd, en al kauwend trok hij zijn shirt omhoog. Hij greep één van de zogenoemde ‘vetkwabben’ vast. “Man, dit kan echt niet meer”, en hij nam nog een hap van het broodje ongezonde troep. Ik kon slechts naar hem staren terwijl hij een stukje kip uit zijn mond spuugde. En toen bedacht ik me “ja, dit is het. Dit hier is echte liefde”. Want al zat hij er onbeschoft, boos en oncharmant bij, mijn hart bleef een triljoen sprongetjes maken omdat ik de aanwezigheid van mijn wederhelft voelde.

Onder het mom van beter laat dan nooit, vertel ik u graag dat hij een paar maanden geleden voor het eerst zijn voet in mijn gezicht duwde. Ik giechelde. “Rook je nou aan mijn voet? Je rook aan mijn voet!” schreeuwde de man. Ik ontkende niets, dat is niet mijn stijl. “Stinken ze niet?”, ik gaf geen antwoord en glimlachte enkel. Zijn voeten roken als de ‘Brie de Meaux’ onder de tenenkazen. Al was hij mijlenver, de geur verliet nimmer mijn neus.

En dat moest per ongeluk echte liefde zijn, iets wat niet in ieder hoekje te vinden valt. Dat stukje kip en de geur van Brie de Meaux, dat zijn de dingen die ik oprecht koester.

 

Over de auteur

Kaas heeft mijn leven overgenomen. Ik verzamel furby's, het is nooit een keuze geweest.

Laat een antwoord achter

Je e-mail adres wordt niet gepubliceerd.