Ik staar naar het bord met vertrektijden. Ik kijk op mijn telefoon voor de tijd. Ik kijk weer naar het bord. En dan weer naar mijn telefoon. Shit.

Daar sta ik dan, zonder vervoer. Ik moet naar centraal, maar kennelijk is Den Haag om 12 uur al dood op zaterdagavond. Ik baal zo enorm. Er zijn drie vrienden met mij meegelopen naar de halte. Ik ben net op de verjaardag van mijn moeder geweest, en tot mijn eigen frustratie was ik zo overprikkeld dat ik het grootste gedeelte op mijn zusjes kamer heb gezeten. Ik ben vreselijk moe en had uitgekeken naar een momentje stilte in de metro, maar dat gaat dus niet door.rue-d-anglais-238513_1280

Gelukkig zijn de mensen die meegelopen waren, gemaakt van puur goud. Ze bestellen een taxi, knuffelen me, zetten me erin en betalen de chauffeur.

Kappers en taxicauffeurs hebben één ding gemeen: ze kunnen lullen als de beste. Zo ook deze meneer. Ondanks mijn vermoeidheid heeft hij me al gauw aan het praten. Kinderen, opleiding, werk, en alles wat je bespreekt met iemand die je niet echt kent.

‘Tja, dit werk is geestelijk natuurlijk niet erg uitdagend.’ Hij pauzeerde. ‘Daar heb ik mijn andere baan voor.’ Ik mag hem wel, dus ik ga in op zijn hint. ‘Wat voor werk doe je nog meer?’ vraag ik.

‘Ik ben hypnotherapeut.’

Ik kijk hem aan van opzij, maar hij is bloedserieus. ‘Dat is minder zweverig dan het klinkt, hoor.’ verzekert hij me. Hij legt uit hoe hij mensen van angsten afhelpt door deze vorm van therapie. Ik ben even stil.

‘Ik wil wel even een klein testje met je doen, als je dat goed vindt.’ Mijn nieuwsgierigheid is nu wel gewekt, dus ik doe graag mee.
‘Stel je even een kubus voor.’
‘Oke.’rubiks-cube-329546_1280
‘Ja, heb je hem?’
‘Ja.’
‘Goed. Hoe groot is de kubus ongeveer?’
‘Zo groot als een Rubik’s Cube.’
‘Welke kleur zou je hem geven?’
‘Groen.’
‘Alleen groen?’
‘Ja.’ Ik beantwoord zijn vragen alsof het doodnormaal is om over een denkbeeldige groene kubus te praten.
‘Van welk materiaal is hij?’
‘Hout.’
‘Oke. En wat gebeurt er als het gaat waaien?’
‘Hij draait rondjes, alsof hij aan een denkbeeldig touwtje hangt.’

Hij neemt even tijd om over mijn kubus na te denken.

‘Je bent wel echt een natuurmens. En iemand die van tradities houdt. Familietradities enzo.’ Ik lach, en denk aan mijn kerstobsessie, en mijn liefde voor verjaardagen. Maar hee, dat kan van alles betekenen.

‘Je trekt je graag terug. Je hebt het soms even nodig om alleen te zijn.’ Eh, ja. Dat klopt. Maar, denkt mijn kritische kant, heeft niet elke moeder dat? Hij gaat verder.

‘Je bent niet gauw te overtuigen. Mensen moeten wel met goede argumenten komen om jou van mening te doen veranderen.’ Dat klopt, dus kom maar op, meneer de taxichauffeur/hypnotherapeut.

‘Je hebt moeite met knopen doorhakken, omdat je dat doet op basis van je gevoel, en je vindt dat je je beslissingen moet kunnen uitleggen aan andere mensen. Maar dat gaat niet altijd.’ Wouw. Oke. Ik ga nog eens terug in mijn hoofd door wat ik hem eerder verteld heb, maar ik kan niets vinden waaruit hij dit heeft kunnen opmaken. Ik begin nerveus te lachen.

Mijn hoofd begint te ratelen. Misschien is dit het. Misschien is dit de oplossing die ik zocht. Het is vast geen toeval dat ik hier zit. Misschien lult die man uit zijn nek, en dat is prima. Maar als hij gelijk heeft, maakt het een wereld van verschil. Misschien kan hij mij wél helpen.

Voor ik kan uitspreken wat ik denk, neemt hij het woord.

‘Ik zou je wel kunnen helpen, maar dan ben je nooit meer jezelf.’

Hij zegt dat hij dat geen goed idee vindt. Ik blijf stil.

Ik kijk uit het raam, en hoewel ik weet dat de oplossing hier niet is, vraag ik me af of het de moeite waard is om iemand anders te zijn. Of dat misschien makkelijker is, misschien niet voor mezelf, maar wel voor de mensen om me heen.

Als ik uitstap, vraag ik zijn kaartje. Hij geeft me een plakkerig, geplastificeerd visitekaartje waarop staat: “Geen gelul, taxi van Krul.”

taxi-498437_1280

Over de auteur

Koopt alleen blauwe dingen.

Laat een antwoord achter

Je e-mail adres wordt niet gepubliceerd.