Woensdagochtend viel me zwaar. Ik had prachtig gedroomd, en toen werd ik de gewone wereld weer ingesleept met het irritante gepiep van mijn Hema reiswekker.

Woensdag 7:35

Wat is het vreselijk om hier wakker te worden. Ik word iedere ochtend ruw uit de fantastische dromenwereld, waar alles mogelijk is, weggerukt, en terug gedumpt in dit stille, sobere gat.

IMG_0063Nu ik iets minder nukkig ben, kan ik wel wat schrijven over waar ik mijn week ga doorbrengen. Mijn kamertje heet Arezzo. Alle slaapkamers hier hebben de naam van een plaats die belangrijk was voor Franciscus of Clara. Het kijkt uit op de binnentuin, waar een paar kale boompjes staan rondom een oude put. Op het gedeelte tegenover mijn kamer staat de kerkklok, dus ik neem aan dat daar de kerk zit. In mijn kamer heb ik een bed, een bureau met een kleine kast, twee stoelen en een wastafel.

Arezzo was een stad die onderhevig was aan een burgeroorlog, en op het punt stond zichzelf te vernietigen. Laat dat nu precies zijn wat er in mijn hoofd gebeurde: een burgeroorlog.

13:30

Net de middagmaaltijd gehad. Ik merk dat de anderen ook steeds meer ontspannen. Ik merk wel dat iedereen opgelucht is als ze weer even “mogen” praten tijdens de lunch.

Die middag besloot ik te gaan wandelen door Megen.

14:00

megenWat is geel en blauw en reist terug in de tijd? Niet de trein naar Megen, want die hebben ze hier niet. Maar je gaat hier wel degelijk terug in de tijd, zeker 30 jaar. Megen is zo klein dat je het zelfs op de kaart van Megen moeilijk kunt vinden. Mensen zwaaien hier nog naar de buschauffeur als ze staan te schoffelen in hun voortuintjes, en ieder uur hoor je de kerkklok luiden. Er is hier één winkel in de molen waar ze geen verse groenten hebben, maar ze hebben hier wél drie kerken. Prioriteiten, hè…

Die avond zouden we de kans krijgen om één van de broeders de pij van zijn lijf te vragen, wat we dan ook met veel plezier deden. Zo bleek dat deze mannen geen monniken zijn, omdat ze nog wel gewoon een baan hebben buiten het klooster, om zichzelf te kunnen voorzien.

21:20

We hebben een gesprek gehad met Broeder Loek. Wat een geweldig leuke vent. Een beetje zo’n geschiedenisleraar waar iedereen zo gek op is en graag naar luistert. Hij is een echte droogkloot, en van het serieuze dat je terughoort in de diensten, zie je bij hem niets terug.
‘Hoe lang bent u nu broeder?’ vraagt iemand.
‘Één meter negentig,’ antwoordt hij dan.
De bevlogenheid waarmee deze man over God, Jezus en Fransiscus kan praten is heel bijzonder, en haast aanstekelijk. Hij vertelde dat Gods liefde als een sprong in het duister is. Alsof je in het donker op een muur staat, en je hoort een stem die zegt: ‘Spring maar!’ en dat je dan springt en maar hoopt dat ‘die persoon niet net zijn neus staat te snuiten,’ zoals Loek het uitdrukte.
Hij zei dat God van je houdt, van je lichte én je duistere kant. Dit deed me beseffen dat ik dit zelf ook moet leren. Ik moet accepteren dat ik niet dat vrolijke, altijd lieve meisje bén die ik me soms voordoe. Ik heb ook een duistere kant. Iedereen heeft een duistere kant. Of zoals ik altijd zeg: Iedereen heeft een verslaving.

Deze man bleek later één van de belangrijkste personen in mijn proces deze week.

Donderdag 7:45

Interieur_kapel,_overzicht_naar_het_altaar_-_Megen_-_20152754_-_RCEZo te horen is iedereen bij de ochtenddienst. Ik begin mijn dag liever in stilte vandaag. Straks het ontbijt, dat sowieso in stilte wordt gehouden.
Ik merk wel dat mijn denken nu meer een instrument is, in plaats van dat mijn gedachten me constant mee slepen. En ik ben me er bewuster van als het gebeurt, en hoe.

7:55

Broeder Hans, die in de kamer tegenover mij slaapt, kwam net zijn kamer binnen en riep: ‘Heee poepie!’ Hij had het tegen zijn duif.

11:00

Mijn begeleidster is zo’n lief mens. Ik vertelde dat ik thuis ook wel zo’n meditatiebankje wilde. Ze zei dat ik wel moest kijken wat voor afmetingen die moet hebben, en dat ik in de meditatieruimte maar even de verschillende bankjes moest testen.
Gisteravond lag er een briefje met mijn naam in keurig oma-handschrift voor mijn deur, met daarop een rolmaat.

Hoewel ik vrede begon te hebben met mijn omgeving, ontstond er een oorlog in mijzelf.

15:30

Ik ben de stilte, de kracht en de rust een beetje kwijt. Ik loop vast en ben weer helemaal benauwd.

refter, eetzaalHet begint hier wel steeds meer “thuis” te voelen. Ik ken de geluiden, ik weet de weg en ik weet inmiddels zelfs welke planken je moet overslaan als je zachtjes wil doen. Sommige van mijn groepsgenoten herken ik zonder op te kijken aan hun manier van lopen of zelfs hun ademhaling.

16:00

Ik krijg hartkloppingen als ik denk aan thuis. Ik krijg bijna cold feet als ik denk aan als ik straks naar huis moet, en weer verder met mijn leven. Het lijkt wel een soort bindingsangst. Beetje laat.

17:00

Ik draai door. Ik loop rondjes in mijn hoofd en door het klooster, op zoek naar de ideale oplossing. Maar die is er niet. Ik probeer mijn gedachtestroom te stoppen. Ik heb al gewandeld en gemediteerd, maar het helpt niet. Ik probeer even te lezen, maar eigenlijk zou ik nu graag zingen.

Wat me benauwde was dat ik het idee had dat ik nog totaal niet klaar was om naar huis te gaan. Na wat lezen en nog veel meer schrijven, werd ik iets rustiger.

20:00

Ik heb mijn rust weer een beetje teruggevonden. Maar ook in de stilte, in het nu, voel ik me soms diep ongelukkig.

IMG_0065Nog voor het avondgebed ging ik richting bed. Dingen begonnen op hun plek te vallen om mij heen, maar in mijzelf nog niet.

20:45

Wat was het vandaag moeilijk om de stilte te bewaren! Ik was nerveus, en ik moest steeds denken aan die broeder met zijn duif. En ja, als je stil móét zijn, wordt alles grappiger. Zo zag ik dat een van mijn mederetraitanten Fusilli van zijn achternaam heet. Fantastisch toch? Meneer Macaroni!

Met een glimlach om mijn eigen stomme grapje viel ik in slaap. Ik hoopte maar dat ik genoeg tijd zou hebben om de puinhoop in mijn hoofd op te ruimen, want de tijd begon te dringen: zondagmiddag zou ik alweer naar huis moeten…

2 reacties

  1. JC | Leaving Holland

    Hoewel ik grote delen van mijn leven ins tilte doorbreng, omdat ik het als prettig ervaar, leest dit als een bklemming en ik vraag me af: is mijn leven ook beklemmend omdat ik voor de stilte kies? Juist in die stilte groeien bij mij grootste dingen…….maar ik ‘moet’ niet, ik kies……..jij koos voor ‘moeten’….vaak zijn je gedachten je ergste vijand 🙂

    Beantwoorden
    • Marit

      Wat bijzonder om te lezen! Ik vind het echt een dappere zet van je om dit avontuur aan te gaan. Ik ben heel benieuwd hoe de rest van de week verlopen is! 🙂

      Beantwoorden

Laat een antwoord achter

Je e-mail adres wordt niet gepubliceerd.