In 2014 werd Tjeerd Langstraat geprezen om zijn debuut Vila Gladiola en nu is hij terug met Eeuwig Donker. Een thriller die zich afspeelt in Rotterdam. Langstraat tracht de schimmige wereld van de mensenhandel onder de loep te nemen.

Eeuwig Donker: verhaal

In Eeuwig Donker maken we opnieuw kennis met resercheur Jan Vos. Dit keer onderzoek hij de moord op twee loverboys, maar deze moordzaak blijkt slechts het oppervlak van een veel grotere zaak te zijn. Vos komt terecht bij Carla en haar zoontje Alexander. Daar voelt hij direct dat de jonge dame wat achterhoudt. Carla wijst op haar beurt naar Sofiya, een mede-slachtoffer van de loverboys dat plotseling is verdwenen. Het lijkt een cold case te worden, maar dan stuit Vos op iets wat wel heel erg vreemd is…

Als een auteur geprezen is om zijn debuut, dan liggen de verwachtingen voor boek 2 altijd hoog. De kunst is om je daar niet door te laten belemmeren en gewoon te gaan schrijven. Langstraat heeft dat gedaan en met succes, want de lezers zijn opnieuw lovend.

Verhaaltechnisch Eeuwig Donker

Toch zou een iets kritischere blik op Eeuwig Donker niet verkeerd zijn. Het is waar dat Tjeerd Langstraat een heel prettige, toegankelijke schrijfstijl heeft. Dat verklaart ook het succes van zowel zijn debuut, als Eeuwig Donker. Het is een page-turner voor diegenen die van thrillers houden die niet al te complex of uitgebreid in elkaar zitten. Daar is niks mis mee, maar verhaaltechnisch rammelt het.

Eeuwig Donker is geen thriller die je stijl achterover doet slaan. Het staat vol met onrealistische situaties, het verhaal gaat van de hak op de tak, volgt onmogelijke paden en de lezer moet dat allemaal maar voor waarheid aannemen. Als Langstraat iets meer de tijd had genomen om zijn karakters te ontwikkelen, dan waren bepaalde keuzes van zijn personages wellicht logischer geweest. ‘Ze doet het nou eenmaal zo omdat ze het zo doet’ lijkt hier de boodschap aan de lezer te zijn. En dat brengt een gapend gat aan in het al wiebelige verhaal.

Karakters

En om nog even bij de karakters te blijven: die zijn niet zo interessant. Vos is er wel eentje die – juist dankzij zijn vlakheid – een langere tijd mee kan gaan, maar op gevoel voor humor kunnen we hem niet echt betrappen. Het is geen man waar je een band mee voelt. Tenminste niet in Eeuwig Donker. Wellicht is dit wel het geval als de lezer het vorige avontuur van Vos heeft gevolgd. In deze thriller lijkt Vos vooral een man die hard is. Letterlijk en figuurlijk: hij heeft veel seks en die scenes zijn dan wél weer heel aardig uitgeschreven. Daar mogen we Langstraat credit voor geven.

Dialoog

In de dialogen ontbreekt het hier en daar aan wat eigenheid. Carla bevindt zich in een uiterst gevaarlijke situatie waar ze met geen mogelijkheid uit kan komen en daarop schreeuwt ze: ‘Help! Help dan toch!’
Dat is een manier waarop een 80 jarige zich zal uitdrukken. Niet een meisje. Laat staan een meisje met een verleden als Carla. Het had een stukje rauwer gemogen.

De climax

De laatste pagina’s van Eeuwig Donker gaan snel. Er gebeurt veel, het is verwarrend, het is een gedoe en het komt allemaal nét niet bij elkaar. Plots kondigt zich de epiloog aan, terwijl het potverdorie net een beetje leuk begon te worden. De balans in Eeuwig Donker is er eentje die we vaker bij Nederlandse thrillers tegenkomen: de opbouw is niet altijd even interessant en erg traag en de climax dient zich, met enkele nieuwe probleemsituaties, aan, waarop dan plots het boekje uit is.

Dat einde mocht best een beetje langer. Als je het lef hebt om zo’n gestoorde psychopaat in je verhaal te verwerken, heb dan ook het lef zijn acties te rekken, beeldend te maken en het randje op te zoeken. Er is niks mis met een beetje gore als je de aanloop toch al hebt genomen.

Conclusie

Het is oneerlijk om Tjeerd Langstraat weinig credit te geven, want schrijven kan hij wel, maar het gebrek aan diepgang doet Eeuwig Donker toch de das om.

 


Mocht je de avonturen van Vos willen gaan volgen, begin dan bij Vila Gladiola, want Eeuwig Donker staat vol met spoilers van het eerste verhaal.

Deze recensie verscheen in iets andere vorm op Hebban.nl

Over de auteur

Ik eet geen rode dingen.

Laat een antwoord achter

Je e-mail adres wordt niet gepubliceerd.