Vandaag zijn pa & ma 25 jaar getrouwd. Dat vind ik nogal wat en niet alleen omdat ik trouwen nogal wat vind, maar 25 jaar hey! Dat is ongeveer nouja… mijn leeftijd, maar dan min een half jaar, want je raadt het al: mijn ouders moesten trouwen. Niet omdat ze stout waren geweest, maar omdat dat ”makkelijker” was. Heel romantisch allemaal. Op de trouwfoto’s zie je mijn moeder in één of ander hippie pak (de dag dat mijn moeder zichzelf in een jurk hijst zal nooit komen) en mijn vader staat naast haar te stralen in een zwart pak (ik gok van de C&A) met vlinderdasje (scheef).

Schattig.

Toen was geluk nog heel gewoon. Toen was trouwen nog heel gewoon. Mensen die tegenwoordig besluiten om te trouwen, worden toch snel bestempeld als hopeloze romanticus. Met een hopeloze romanticus is – wat mij betreft – helemaal niets mis, maar het is toch wat minder maatschappelijk geaccepteerd dan 25 jaar geleden. Daarnaast hebben we nu samenlevingscontracten en andere vage oplossingen, zodat we niet hoeven te trouwen. Zo zonde! Als mijn partner zou aankomen met: ‘wil je een samenlevingscontract met mij?’, dan stuur ik hem, met contract en al, de deur uit: ‘Dikke doei met je samenlevingscontract. Ben ik niet goed genoeg om mee te trouwen? Everything you own in the box to the left. Aju!’

party-310980_640

Trouwen is een gebaar waar niets anders tegenop kan. In deze tijd dan. In de tijd van mijn ouders en ver daarvoor was het noodzakelijk om wat voor reden dan ook. Mijn ouders deden het niet omdat ze ervoor kozen om samen oud, lelijk en rimpelig te worden (ze zijn inmiddels al wel een eind op weg), maar alleen maar omdat het moest. Da’s een domper hé? Doe mij dan maar die mensen in deze tijd die ervoor kiezen om te trouwen, hoewel dat natuurlijk ook niet altijd lang en gelukkig gaat. Meestal gaat dat kort en zó ongelukkig dat één van de twee de ander neerknalt en daarna zichzelf, maar ach… Ze proberen het in ieder geval.

Net als pa & ma

Behalve dat pa & ma het daadwerkelijk leuk hebben met elkaar en elkaar ook niet in de haren vliegen. Ze geven kusjes, ze knuffelen elkaar, ze nemen elkaar in de zeik en houden rekening met elkaar.

Is toch wel leuk hé? Ik herinner me dat meisjes uit mijn klas op de basisschool vaak bang waren dat hun ouders zouden gaan scheiden, omdat hun ouders altijd tegen elkaar schreeuwden of ruzie maakten. Ik zal geen namen noemen, want dan is heel Olst in rep en roer omdat die mensen geen gelukkig huwelijk hebben, maar ik ken de roddels hoor! Al vanaf groep zes! En ik heb het zelf ook meegemaakt als ik bij vriendinnetjes ging slapen. Dan ging het vaak tussen de ouders zo van ”ja en jij!’ en dan zei de ander ‘nee, maar jij!’ en dan gingen ze naar elkaar wijzen totdat er eentje uiteindelijk huilend wegliep (meestal de vrouw).

Lekker gezellig joh! Laten we vooral bij elkaar blijven voor de kinderen… Die merken er vast niets van dat we elkaar het liefste willen vermoorden en in het schattige meertje achter ons huis willen gooien. Met twee extra bakstenen aan het been gebonden, voor het geval je nog niet dood bent. Leuk! Wat hebben we het gezellig met onze twee BMW’s op de oprit.

Dat zijn de mensen die op het oog alles lijken te hebben

Dit zijn dezelfde mensen die, behalve naar elkaar, ook graag naar andere gezinnen wijzen om te zeggen dat iets ”niet normaal” is, of ”anders” moet. Dit zijn de mensen die ’s middags, op een vaste tijd, een kopje thee drinken en hun kind verplichten om de korstjes op te eten. De tweeverdieners die zo’n tuin hebben met een schommel erin die zwabbert als je erop gaat zitten, waardoor je altijd voorzichtig moet doen.

De mensen die een trampoline in de grond graven, omdat dat veiliger is, maar ondertussen wel een enorme glazen schuifdeur naar de tuin hebben waar die kinderen constant tegenaan rennen en een gebroken neus door krijgen. Na de gebroken neus worden er meestal vlindertjes op het glas geplakt, zodat het kindje weet dat het geen open ruimte is. Dat konden ze namelijk van te voren niet bedenken, dat dat handig was om te doen.

Mijn ouders hebben vlindertjes op de hor deur. Niet voor mij (ik snap inmiddels dat een vaag grijze gloed betekent dat je niet door kunt lopen), maar voor de veel te grote hond. De hond dacht namelijk ook altijd dat ie zo naar buiten kon lopen. De pech was alleen dat hij niet terug veerde, maar ook echt daadwerkelijk doorliep. Met de hor om z’n nek. Keer op keer.

img658784254

Ja echt. Mijn ouders hebben het allemaal.

Een huis. Een scheve boom in de achtertuin en een beest dat de hor eruit loopt. En elkaar, wat misschien nog wel het belangrijkste is. Hoewel ik inmiddels al bijna acht jaar uit huis ben, is het elke keer weer leuk om terug te komen. Zelfs met hun bellen is een feestje, omdat het nooit normaal kan. Pa zit meestal te schelden omdat hij zijn as te laat van zijn sigaret heeft afgetikt, waardoor hij een brandgat in de bank maakt, en ma zit hem vervolgens keihard uit te lachen.

Zo hoort dat. Ze hebben misschien geen groot huis met glazen schuifdeur, ze werken niet allebei, ze hebben maar één auto, hun garage is één dikke teringzooi, ze hebben mij inderdaad niet opgevoed ”zoals het heurt”, maar we zijn allemaal 25 jaar verder. Ze hebben misschien niet veel, maar er is één ding dat zij wel hebben: een huwelijk. En daar kunnen veel mensen die getrouwd zijn omdat ”het makkelijker was” nog wat van leren.

Ode aan papa en mama, die elkaar na 25 jaar nog steeds niet de hersenen inslaan! Zullen we er even een cliché tegenaan knallen? 
Op naar de volgende 25 jaar!