Ik vind romantische comedy’s leuk. Ja, ik weet wat je denkt: ‘Jezus! Kan die Roel nog wat meer een mietje worden?’ Ja, beste lezer, dat kan ik en ik vind dat helemaal niet erg. Noem me maar een meisje. Een mietje. Gooi maar een stel tieten op me en noem me Roelina. Ik weet zeker dat een jurkje me ook wel zou staan, als ik een keer mijn benen zou scheren.

Maar goed, ik ben niet de enige die ze leuk vindt. Hele kuddes aan mensen gaan naar zulke films toe en ik snap het helemaal.

Een romantische comedy is namelijk een perfecte date film, voor allebei de geslachten. Voor de man is het veilig (geen tieten, geen ledematen of bloed) en hun date kan mijmeren bij de veel te goede good guy die de hoofdrol speelt. Ook op de bank werkt zo’n romantische comedy perfect. Het is zo’n film die je gaat kijken met een meisje op de bank wanneer je al je huisgenoten uit het huis hebt geschopt. Jullie hebben elkaar ontmoet in de kroeg (of via Tinder, voor de sociale gehandicapten onder ons) en na wat whatsapp contact heb je d’r toch zover gekregen dat ze bij jou thuis op de bank zit.

Het einde van de film is aangebroken: waar jij eerst links zat, en zij rechts, is zij steeds linkser gaan zitten. Ze leunt een beetje tegen je aan, vragend om de arm die je nog niet over haar heen durft heen te slaan. Er hangt een gespannen sfeer in de lucht. Je hebt wat kaarsjes aangestoken, want je bent een romantische motherfucker. Je denkt: ‘Godverdomme, dit kan wel eens wat gaan worden.’

En dan komt het einde.

En die zijn moeilijk. Elk einde van elke romantische comedy is namelijk perfect. Elke keer vallen de vrouw en de man elkaar in de armen, zelfs na elke tegenstribbeling en moeilijkheid en problemen die ze samen hebben doorgemaakt. Ze worden oud en gelukkig samen en maken ontzettend veel kindjes. Vaak komen bij dit soort eindes de ‘waterworks’, zoals de Amerikanen het noemen – bij haar, maar ook altijd een beetje bij mij. Maar waar vrouwen dat mogen, mogen wij kerels dat natuurlijk niet. We moeten stoer zijn. Nul emotie tonen. Sterk zijn. Maar, aangezien ik toch een mietje ben, houd ik mijn wijnglas voor mijn ogen, zodat het glas de tranen kan verbergen. De credits rollen naar beneden. Een Mariah Carey nummer speelt op de achtergrond. Ze recht haar rug, draait zich om en kijkt me aan.

‘Oh wow, wat een mooie film!’ zegt ze.

Dat vond ik wel meevallen. Romantische films zijn geen klassiekers. Geen Fight Club, of the Godfather of 12 Angry men. Romantische films zijn meestal geen mooie films, alleen het idee erachter is mooi. De films zelf zijn kut. Ze geven alleen een absolute, perfecte weergave van de romantiek waar wij als mens helemaal gek van worden. Dat heb ik zelf ook, daarom vind ik ze ook leuk. Ik zie ook meer dan genoeg paralellen met mijn eigen leven: een ietwat sukkelige, onhandige kerel wordt verliefd op een veel te mooie vrouw, maar waar ik in het ‘echte leven’ meestal mis graai, heeft die kerel op het scherm altijd succes.

Ik kijk d’r aan. De tranen zijn alweer verdwenen.
‘Jazeker. Je zei dat je hem al een keer had gezien?’

‘Ja!’ zegt ze. Ze zwaait enthousiast met haar armen in de lucht. ‘Ik heb samen met Jacky…’

Ik hoor de rest al niet meer. Het boeit me ook niet zo. De film is afgelopen en we zijn gekomen naar het uiteindelijke doel van de avond. De reden waarom we hier samen op de bank zit. Zij weet het, ik weet het, alleen zit zij er nog omheen te lullen. In een milliseconde laat ik mijn ogen over haar lichaam glijden. champagne-160864_960_720

Zou ik d’r doen, of niet?

Je zou denken dat dit eerder zou gebeuren: wanneer we elkaar ontmoetten, bijvoorbeeld, of wanneer ze in de deuropening stond. Nee, dat doe ik niet. Ik oordeel niet compleet op uiterlijk. Niet helemaal, tenminste. Zelfs de mooiste vrouwen kunnen ontzettend onaantrekkelijk worden naarmate ze hun mond opentrekken.

Het omgekeerde kan namelijk ook gebeuren. Dat is zij ook. Ze is een zes en half. Een zeven. Maximaal. Ze is mooi en aantrekkelijk, maar op een klungelige manier, zoals de man in de romantische comedy. Op een manier dat haar Facebook profiel foto altijd op een afstand wordt genomen, of juist van heel dichtbij, zodat het resultaat nog wat kan worden bijgewerkt met Photoshop. Een profielfoto dat maar twintig likes kan krijgen. Ze is het gewoon net niet.

Nee, ze is haar niet! klinkt het meteen in mijn hoofd. Ik dring de gedachte terug. Nee, ze mag. Ze kan. Ze kan ermee door.

Maar… zou ik een relatie met haar willen? Erger nog; zou ze de ‘ware’ kunnen zijn?

Ja, ik ben een gelover in de ware. Misschien een construct dat ik heb overgenomen nadat ik al die romantische comedy’s heb bekeken, of juist van mijn ervaringen in het verleden; ik weet het niet. Mijn ouders zijn al meer dan dertig jaar bij elkaar en ik heb meer dan genoeg koppels gezien die zo goed bij elkaar passen dat het haast eng is geworden. Van die koppels die een eenheid vormen, door sterkte en hard werk. Door doorzettingsvermogen. Ik ben een fanatiek gelover dat er voor elk pannetje een dekseltje rondloopt en dat je tot die tijd alleen maar aan het oefenen bent. Met van die zijwieltjes, als het ware, voor dat ene moment wanneer je op een grote mensen fiets mag.

Maar is zij dat? Nee. No fuckin’ way.

Ze lacht heel hard, ze heeft een grote wrat op haar nek, ze lult als een schipper die maandenlang alleen op zee heeft rondgedobberd en ik heb de hele avond alleen maar ”grappige” opmerkingen moeten aanhoren waar ik spontaan homo van zou worden. Ik zou haar haten als ik een relatie met haar kreeg. Ik zou zo gek worden dat ik haar zou kunnen vermoorden.

Ik zie de kranten al:

Groot Familiedrama in Tilburg! Seksueel gefrustreerde jongeman pleegt moord en berooft zich daarna van zijn eigen leven. ‘Zo kende ik hem helemaal niet’ vertelt oud-huisgenoot Remco, zichtbaar geschokt door de gruwelijkheden die zijn voltrokken, ‘Ik wist niet dat hij het in zich had. Doodnormale jongen was het. Een beetje raar, maar voor de rest dood-nor-maal.’

Nee, nee, nee. Ze is niet de ware. Niet zoals zij, in ieder geval. Ze was misschien niet perfect, maar ze neigde er verdomme wel veel naartoe. De gedachten komen weer terug, daar op de bank, terwijl ik naar het slappe aftreksel voor me kijk. Dezelfde gedachten op dezelfde bank, maar dan met een ander meisje, niet zomaar een meisje maar met haar, samen met een fles rode wijn en een film en geen flauwe romantische comedy, maar een film met tieten, billen en ledematen en een plot, godverdomme. Het maakte me eigenlijk niet eens uit waar we naar keken, alleen als zij maar een beetje tegen me aan ging liggen en soms, heel soms, tussendoor een domme opmerking maakte waar ik dan wel om moest lachen. Voor de rest hield ik mijn mond, want dat moest van haar. En dat vond ik helemaal niet erg. Alleen het geluid van de film vond ik al genoeg.

‘Lust je nog wat wijn?’

Ik kijk op. Mijn glas is leeg. Ze is blijkbaar klaar met haar verhaal en ze heeft de fles wijn in haar hand. Voor haarzelf heeft ze al een laagje ingeschonken, een ingecalculeerd laagje: net genoeg om een beetje aangeschoten te worden, net genoeg om verder te gaan dan dat ‘eigenlijk de bedoeling is.’ Ik zie het in haar ogen. Ik heb vrij spel vanavond. Ik mag alles doen wat ik wil. Maar wil ik dat wel? Ze is een zes en een half. Een zeven. Maximaal. Geen relatie materiaal. Maar bovenal: zij is haar niet. Maarja, hoe moet ik haar anders ooit vergeten?

Ik hou het glas voor me.
‘Ja, graag.’

 

Over de auteur

Een cynische etter met een marginaal gevoel voor humor en literair talent. Houdt van honden, heeft een kat.

Laat een antwoord achter

Je e-mail adres wordt niet gepubliceerd.