De Man heeft een uitgesproken smaak qua decoratie. In zijn huis vind je een telefooncel, schilderijen die niet snel over het hoofd gezien worden, en – het ergste van alles – een vreemd soort kan. Deze kan is zo’n beetje het lelijkste wat ik ooit heb gezien terwijl ik mijn ogen open had.

Eigenlijk mag ik er geen mening over hebben, want De Kan is belangrijk voor hem. Ik haat het hoe mannen gewoon kunnen bepalen dat iets emotionele waarde heeft en dat dat dan ook zo is. Als vrouw hoef je zoiets niet te proberen, dan krijg je een blik naar je toegeworpen die zegt: natuurlijk lieverd, dat is vast héél belangrijk voor je. En zo trek je dan aan het kortste eind, want als je écht een leuke vriendin bent, dan gun je De Man zijn Kan.

Het zit hem voor mij ook niet echt in de gun factor, maar vooral in het feit dat De Kan zo gigantisch is dat ik er zelf in pas. Ik begin nu ook te twijfelen of het wel een kan is, of gewoon een enorm ding van porselein met een schenktuit. Er zijn bloemen op geschilderd, hij glimt en er zit nog een vliegende schotel onder. Het is niet iets wat je gewoon even in een hoekje kunt stoppen zonder dat iemand door heeft dat het er staat. Dit was eerder ook geen probleem, maar met dat hele samenwoon gebeuren, begin ik toch een beetje te twijfelen.

Daarom ging ik naar Samantha met mijn verhaal over De Kan. Haar advies: gewoon laten vallen tijdens het verhuizen. Dat is geen optie want het is een erfstuk en erfstukken laat je niet vallen.
Ik hobbelde door naar Esther die zei dat het met lelijke kledingstukken wel prima te doen was om ze te verstoppen, maar een kan die zo groot is, kan gewoon niet verstopt worden.

Het ultieme advies kwam van mijn moeder. Ze nipte van haar koffie, lachte toen ik mijn kan-dilemma aan haar uitlegde en zette vervolgens haar kopje neer: ‘Zo moeilijk is het niet hoor.’ Ik keek verbaasd op.
‘Je zet dat ding in de woonkamer neer, en na een tijdje zet je hem in de slaapkamer, omdat het net een wasbak lijkt. Bla bla. Je maakt er een mooi verhaaltje bij, en alweer klaar!’

Ik knikte. Ik knikte nog meer en het lampje boven mijn hoofd begon langzaam te branden. Het was een briljant idee. Vrouwen hebben blijkbaar zo hun maniertjes om samen met iemand te kunnen leven. Mijn eerste missie is De Kan. En dat kan nog wel een heel gedoe worden…

 

Over de auteur

Ik eet geen rode dingen.

Laat een antwoord achter

Je e-mail adres wordt niet gepubliceerd.